De oudste stad van Nederland is officieel Nijmegen. De stad kreeg rond het jaar 100 na Christus marktrechten van de Romeinse keizer Trajanus en droeg de naam Ulpia Noviomagus Batavorum. Er is echter altijd discussie: Maastricht claimt vaak de titel omdat die plek al langer onafgebroken bewoond wordt, hoewel ze de officiële stadsrechten pas later kregen.
Als je in Nederland vraagt wat de oudste stad is, krijg je in Gelderland een ander antwoord dan in Limburg. De Romeinen waren hier de eersten die nederzettingen de titel ‘stad’ gaven. Toen zij vertrokken, verdween die cultuur en duurde het eeuwen voordat graven en hertogen in de Middeleeuwen opnieuw ‘stadsrechten’ gingen uitdelen.
Hier zijn de 10 plekken met de oudste wortels in onze Hollandse bodem.
1. Nijmegen (ca. 100 n.Chr.)
Nijmegen pronkt trots met de titel ‘Oudste stad van Nederland’. En terecht, want de Romeinen bouwden hier een enorm legerkamp op de Hunnerberg. De stad groeide uit tot een metropool met tienduizenden inwoners, amfitheaters en badhuizen.
Archeologen vinden nog steeds restanten van deze glorieuze tijd, zoals de beroemde godenpijler, die bewijst dat keizer Nero hier waarschijnlijk geld in heeft gestoken.

2. Voorburg (ca. 121 n.Chr.)
Veel mensen vergeten Voorburg, maar historisch gezien is dit de nummer twee. Onder de naam Forum Hadriani kreeg het stadsrechten van keizer Hadrianus. Het was een belangrijke handelsplaats in Zuid-Holland. Helaas werd de stad rond het jaar 270 verlaten vanwege nattigheid en plunderingen, waardoor het in de vergetelheid raakte vergeleken met Nijmegen.

3. Maastricht (Bewoond sinds 500 v.Chr.)
De Limburgers zeggen: “Een papiertje (stadsrechten) maakt je geen stad, mensen maken een stad.” En daar hebben ze een punt. Maastricht (Mosa Trajectum) was een Romeinse nederzetting bij een belangrijke brug over de Maas. In tegenstelling tot andere plekken, bleven hier na de Romeinse tijd altijd mensen wonen. De officiële middeleeuwse stadsrechten kwamen pas in 1204, maar het VVV Maastricht benadrukt graag dat de stad cultureel en religieus gezien al veel ouder is door de komst van Sint Servaas in de 4e eeuw.

4. Heerlen (Romeinse tijd)
Heerlen, of Coriovallum, was een bruisend knooppunt waar twee belangrijke Romeinse wegen (de Via Belgica) elkaar kruisten. Het was misschien officieel geen ‘stad’ in de politieke zin, maar het had wel het grootste Romeinse badhuis van heel Nederland. Dat badhuis is zo goed bewaard gebleven dat er nu een museum (het Thermenmuseum) omheen is gebouwd.
5. Stavoren (1061)
We maken een sprong naar de Middeleeuwen. Als we kijken naar de ‘nieuwe’ stadsrechten die na de Romeinen werden uitgedeeld, was Stavoren in Friesland de allereerste. De stad was in de 11e eeuw een machtige handelsstad en de poort naar de Oostzee. Het verhaal van het ‘Vrouwtje van Stavoren’ symboliseert de latere neergang van de stad door hoogmoed en verzanding van de haven.
6. Utrecht (1122)

Utrecht begon als een Romeins fort (Trajectum) om de grens van het rijk te bewaken. In 1122 kreeg het officieel stadsrechten, wat relatief vroeg is voor een stad van dit formaat. Utrecht was in de Middeleeuwen veruit de belangrijkste en grootste stad van de Noordelijke Nederlanden, vooral als religieus centrum met de Domtoren als statussymbool.
7. Deventer (Start bouw ca. 768)
Deventer is een van de vijf oudste steden van Nederland als je kijkt naar vermeldingen in oude documenten. De Engelse missionaris Lebuïnus bouwde hier al in de 8e eeuw een kerkje. Hoewel de officiële stadsrechtendocumenten later zijn gedateerd (of verloren zijn gegaan), was Deventer al heel vroeg een bloeiende handelsplaats aan de IJssel en een belangrijk lid van het Hanzeverbond.
8. Tiel (10e eeuw)
Toen de Noormannen de handelsstad Dorestad (vlakbij Wijk bij Duurstede) platbrandden, vluchtten de kooplieden naar Tiel. Hierdoor nam Tiel in de 10e eeuw de rol over als hét handelscentrum van de regio. Historische bronnen vermelden dat Tiel al tol hief en handel dreef met Engeland lang voordat veel andere steden überhaupt bestonden.
9. Aardenburg (1127)
De oudste stad van Zeeland. Aardenburg begon ook als een Romeins fort (Castellum) om de kust te verdedigen tegen piraten. In de Middeleeuwen werd het een welvarende stad, die in 1127 stadsrechten kreeg. Tegenwoordig is het een klein, rustig stadje (“kikkerstad” genoemd), maar de oude wallen en de enorme kerk verraden het grootse verleden.
10. Zutphen (1190)
Zutphen wordt vaak de ‘Torenstad’ genoemd. Al in de Romeinse tijd woonden er mensen op de rivierduinen, maar in 1190 kreeg het officieel stadsrechten van graaf Otto I. Zutphen is een van de best bewaarde middeleeuwse steden van Nederland. Omdat de stad in de eeuwen daarna niet explosief groeide door industrie, is het oude stratenpatroon volgens stadsgidsen uniek intact gebleven.